Het onzegbare, roman. Verschijnt 21 augustus 2026

Wilfred is een succesvol zakenman, maar achter de façade van orde en welstand gaat een diep gemis schuil. Hij verlangt naar een bron van schoonheid en betekenis die hij in zijn omgeving niet kan vinden. Wanneer hij de jonge pianist Viktor ontmoet, herkent hij in diens spel datgene waar hij zijn hele leven naar hunkert: een gevoel van thuiskomen in een wereld die verder reikt dan het tastbare. Hij klampt zich vast aan Viktor, in de overtuiging dat deze man hem kan geven waar hij naar verlangt.

 

Tekstfragment

Het licht van de namiddagzon werd door de veelkleurige glazen gefilterd tot een warme gloed. Rode en blauwe tinten hadden de overhand en werden oneindig herhaald in het cirkelvormige patroon op de ramen. Telkens veranderde het, caleidoscopisch vervormend, dieptes suggererend, ongrijpbaar. Boven hem glinsterden de gouden sterren op het blauwgekleurde gewelf. In tegenstelling tot de grote kathedralen had deze kleinere kapel iets dat het contact met het hogere inviteerde. Het was een schrijn waarin het hemels licht doordrong, de stille muziek van de eeuwigheid resoneerde tegen de glazen wanden.

Wilfred Meyers kwam hier graag. Hier gingen schoonheid en verhevenheid samen op weloverwogen wijze. Er was maat, evenwicht en een openbarende stilte, die buiten steeds schaarser werd. Wilfred kon de dictaten van een zichzelf overschreeuwende wereld nauwelijks verdragen. Overal waren geluiden die geen verzet verdroegen, elke stap werd vergezeld van het hartverscheurende lawaai van de eenzaamheid, die geen andere manier kende om de aandacht op zichzelf te vestigen. Zelfs de visuele stilte werd verbroken door letters en bewegende beelden. De zintuigen werden overal bestookt met wanhopige signalen. Woorden die altijd weer tekort schoten, beelden die niet lang genoeg stilstonden om de betekenis ervan te begrijpen.

De werkelijk belangrijke dingen konden niet onder woorden gebracht worden, hetgeen Wilfred tot een zwijgzaam mens gemaakt had. Niets van wat hem bewoog of vervulde kon hij op een passende manier uiten. Hij had dat dan ook opgegeven en bewoonde als een stomme de wereld. Hij had lang gezocht naar aanwijzingen dat anderen er ook zo aan toe waren, maar niets van wat zij zeiden of deden had hem in dit idee gesterkt.